Van de voorzitter

KeesOp donderdag 1 oktober a.s. vindt op het Niftarlake College te Maarssen de jaarlijkse iScholenDag plaats. In deze nieuwsbrief vindt u het programma voor deze dag, dat geheel en al is samengesteld met het oog op de praktijk in de klas. Het moet een dag worden van, voor en door docenten. Wat betekent het voor mijn onderwijs als al mijn leerlingen in de les zijn uitgerust met een tablet of een laptop? Welke mogelijkheden biedt dat?

Als iScholenGroep is het van het grootste belang met elkaar op basis van de vele ervaringen op de diverse scholen een soort digitale didactiek te ontwikkelen. Het uitwisselen van ervaringen en ideeën is daarbij van groot belang.

Inmiddels neemt een groot aantal iSG-scholen deel aan de zogenaamde leerlabs, gevormd in het kader van het doorbraakproject onderwijs en ict. Het eerste enthousiasme op de scholen werd hier en daar enigszins getemperd door de magere financiering. De tijd die nodig is het een en ander te ontwikkelen zal voor het grootste deel uit het bestaande taakbeleid van de docenten moeten worden bekostigd.

Echt pijnlijk wordt het als we kijken naar de kosten van digitaal leermateriaal. Op veel scholen is men zeer geschrokken van het feit dat digitaal materiaal in de praktijk nu veel duurder uitpakt dan folio. Een gemiddeld schoolboek kost rond de 50 euro, exclusief 6% BTW (lage tarief) en gaat minstens vier jaar mee. De gemiddelde licentie op een digitale methode kost rond de 40 euro, exclusief 21% BTW en dient jaarlijks te worden betaald.

Voor veel scholen is dit uiteraard een zeer serieuze blokkade om werk te maken van de vernieuwing van het onderwijs met behulp van een grote inzet van ict. Zowel voor de uitgevers als voor de overheid ligt hier een taak deze blokkade te doorbreken.

Daarnaast blijft het wel weer interessant voor scholen om zelf digitaal materiaal te gaan maken, zoals op die Deense school die onlangs door 19 iSG-docenten werd bezocht. Lees het verslag in deze nieuwsbrief. Alle leerlingen werken daar voor elk vak met een iBook vol mooi materiaal dat door de docenten zelf is ontwikkeld. Beste educatieve uitgevers, zo kan het natuurlijk ook.

Kees van Domselaar

Column – Goede raad

BKMHet vijfde uur komt m’n gymnasiumbrugklas binnen. Wieger klampt mij al aan bij de deur van het klaslokaal, als ik mijn rol van ‘gastvrouw’ sta te vervullen en dus iedereen juist daar diep in de ogen kijk. Wieger kijkt ook mij aan, doet-ie anders nooit.

“Mevrouw, mijn tas ligt nog op het sportveld, want we hadden gym en toen had ik hem bij me en nu ligt hij daar dus nog, want ik ben hem vergeten.” “Heb je je boek wel bij je?” vraag ik hem en daarop schudt hij nee. “Maar dat is niet erg hoor mevrouw, ik kijk wel met Maartje mee.” Ik zucht en verzoek iedereen, ook Wieger, te gaan zitten zodat we kunnen beginnen.

Hij zit pal tegenover mij en ik zie hem schrikken als ik de klas vraag naast hun boek ook hun laptop te pakken. “Die zit ook in mijn tas mevrouw, weet u wel die nog op het sportveld ligt. Mag ik mijn tas nu gaan halen, want anders kan ik niet meedoen en stel dat hij gejat wordt, met m’n laptop erin.” Hij kijkt mij hoopvol aan en gaat er voor het gemak aan voorbij, dat hij dán ook niet mee kan doen met de les. Ik twijfel. Zijn Macbook Air zit in z’n tas en deze ligt op een plek waar iedereen bij kan. Goede raad is duur en ik geef hem toestemming z’n tas te halen. Na een belerend praatje tegen de klas over het opbergen van waardevolle spullen in je kluisje als je gaat gymmen vervolgen we de les.

Tijdens het achtste uur wanneer ik 3-vmbo aan de praat probeer te houden, wordt er dringend op de deur geklopt. Vrijwel direct gaat deze open en verschijnt een ietwat gehaaste en nerveuze Wieger. “Mevrouw, mevrouw, ligt mijn gymtas hier nog? Ik ben hem kwijt!” De klas, blij met een verzetje, grinnikt, Susan veert op. “Bedoel je deze soms? Hij lag onder mijn stoel.” Ietwat beschaamd neemt Wieger de tas in ontvangst, kijkt mij schuin aan en druipt bedremmeld af.

Monique van Brandwijk, docent Nederlands

Column – Bolletjes

BKMDe start van het schooljaar. Een nieuwe methode voor vwo klas één. Geheel digitaal, of met lesboek. Gelukkig koos ik voor de laatste optie want inloggen bleek in de eerste weken onmogelijk. Toen die problemen zo goed als opgelost waren gingen we verwachtingsvol met ‘de site’ aan de slag. Ik was onder de indruk van wat er allemaal mogelijk was: volgen via bolletjes of het huiswerk gemaakt is, volgen of de leerling überhaupt iets maakt, verdiepen, versnellen, ’benchmarken’ met collega’s, opdrachten klaarzetten, kiezen wie nakijkt: docent of leerling, ‘loslaten’ want alles wordt prima uitgelegd (zelfs met gesproken tekst). Ik kreeg er warempel zin in!

Nu, een paar weken voor de kerstvakantie grijp ik steeds vaker terug op m’n eigen klassikale instructie. De afgelopen weken raakten we niet alleen verstrikt in alle mogelijkheden, maar we raakten ook het contact met elkaar kwijt. We voelden ons ietwat opgejaagd, m’n leerlingen en ik. Alles is op ieder moment te meten en transparant. Dat lijkt mooi, maar terwijl ik voor hun neus zit en zij voor de mijne, communiceerden we eigenlijk alleen nog maar via het scherm. We raakten geobsedeerd door open of dichte ‘bolletjes’. Vragen die fout werden gerekend terwijl ze, als je via een omweggetje denkt en dat doen gymnasiumleerlingen, ook goed konden zijn. De site, ingegeven door de techniek keurde echter maar één antwoord goed.

De laptop en de digitale methode werden tè belangrijk. De uitdaging veranderde in een hindernisbaan. Na het controleren van het huiswerk via de al dan niet dichte bolletjes op het klassenoverzicht op mijn scherm, werd ik boos op Thijs. “Je hebt niets gedaan aan je huiswerk, ik zie geen enkel bolletje dat dicht is.” Thijs schrikt en stamelt: “Ja maar mevrouw, ik heb het in mijn schrift gemaakt, kijk maar…”

Afgelopen vrijdag hebben we de laptops maar eens dicht gelaten en gelezen en gescrabbeld in de les. Wat een rust en zo lekker duidelijk ook. Ben ik nu tegen het gebruik van laptops? Nee, natuurlijk niet maar vrij naar Steve Jobs. Ik stop m’n les niet (meer) in de laptop maar gebruik de laptop in m’n les!

Monique van Brandwijk, docent Nederlands

Column – GEEN ZIN!

Schermafbeelding 2013-12-23 om 20.14.57GEEN ZIN!

Buitelend komt klas 1at binnen. Ze zijn aan vakantie toe en zitten helemaal niet te wachten op het nakijken van opdracht 7 t/m 11. Toch maar wel, het boek moet immers “uit”. Via het digibord projecteer ik de goede antwoorden. Ik leg her en der wat uit en er wordt ijverig gecorrigeerd in de opgaven die op de laptop gemaakt zijn. Dat gaat lekker snel, handig toch zo’n MacBook.

En toen nog zo’n 40 minuten op de klok. De klas en ik hebben geen zin in het boek met de volgende opdrachten en bijhorende theorie. De leerlingen vertellen over het weekend en de sportwedstrijden die ze wonnen of verloren. We komen vanzelf op de grote toernooien die wereldwijd gespeeld worden. ‘Gister ging het jeugdjournaal ook over het WK-voetbal en het WK-hockey juf”. Het jeugdjournaal herhaalt haar avonduitzending in de ochtend. Ik zoek de uitzending op op m’n MacBook en we kijken klassikaal via het digibord.

Spontaan bedenk ik de invulling voor de rest van de les en via ‘google drive ‘deel ik de opdracht met de klas:

Werk samen met je buurman of buurvrouw. Weet je de regels hiervoor niet meer, kijk dan in de map Nederlands in de drive, file: “Samenwerken, hoe doe je dat.” 1. Je kiest een onderwerp uit het jeugdjournaal dat je net zag. Je kunt het eventueel nog eens kijken via je laptop: oortjes in.

2. Je zoekt informatie over je onderwerp. Hoe je dat doet vind je in je digitale boek op bladzijde 213.
3. Je maakt een presentatie over je onderwerp van ongeveer vijf minuten. Je gebruikt: Keynote, i-Movie, i-Photo.

4. Je presenteert je onderzoekje vrijdag.

Succes!

De leerlingen gaan enthousiast aan de slag en ik heb tijd voor wat administratie op m’n MacBook.

Monique van Brandwijk, docent Nederlands