Column – Bolletjes

BKMDe start van het schooljaar. Een nieuwe methode voor vwo klas één. Geheel digitaal, of met lesboek. Gelukkig koos ik voor de laatste optie want inloggen bleek in de eerste weken onmogelijk. Toen die problemen zo goed als opgelost waren gingen we verwachtingsvol met ‘de site’ aan de slag. Ik was onder de indruk van wat er allemaal mogelijk was: volgen via bolletjes of het huiswerk gemaakt is, volgen of de leerling überhaupt iets maakt, verdiepen, versnellen, ’benchmarken’ met collega’s, opdrachten klaarzetten, kiezen wie nakijkt: docent of leerling, ‘loslaten’ want alles wordt prima uitgelegd (zelfs met gesproken tekst). Ik kreeg er warempel zin in!

Nu, een paar weken voor de kerstvakantie grijp ik steeds vaker terug op m’n eigen klassikale instructie. De afgelopen weken raakten we niet alleen verstrikt in alle mogelijkheden, maar we raakten ook het contact met elkaar kwijt. We voelden ons ietwat opgejaagd, m’n leerlingen en ik. Alles is op ieder moment te meten en transparant. Dat lijkt mooi, maar terwijl ik voor hun neus zit en zij voor de mijne, communiceerden we eigenlijk alleen nog maar via het scherm. We raakten geobsedeerd door open of dichte ‘bolletjes’. Vragen die fout werden gerekend terwijl ze, als je via een omweggetje denkt en dat doen gymnasiumleerlingen, ook goed konden zijn. De site, ingegeven door de techniek keurde echter maar één antwoord goed.

De laptop en de digitale methode werden tè belangrijk. De uitdaging veranderde in een hindernisbaan. Na het controleren van het huiswerk via de al dan niet dichte bolletjes op het klassenoverzicht op mijn scherm, werd ik boos op Thijs. “Je hebt niets gedaan aan je huiswerk, ik zie geen enkel bolletje dat dicht is.” Thijs schrikt en stamelt: “Ja maar mevrouw, ik heb het in mijn schrift gemaakt, kijk maar…”

Afgelopen vrijdag hebben we de laptops maar eens dicht gelaten en gelezen en gescrabbeld in de les. Wat een rust en zo lekker duidelijk ook. Ben ik nu tegen het gebruik van laptops? Nee, natuurlijk niet maar vrij naar Steve Jobs. Ik stop m’n les niet (meer) in de laptop maar gebruik de laptop in m’n les!

Monique van Brandwijk, docent Nederlands