Nieuwsbrief laatste info iScholenDag 5 oktober 2017

Beste deelnemer van de iScholenGroep,

Over twee dagen is het zover: de zesde iScholenDag!
Er zijn nog een aantal plaatsen beschikbaar!

In deze mail leest u meer informatie over hoe u zich kunt inschrijven voor de iScholenDag, de workshops en vindt u alle praktische informatie voor “Nieuwsbrief laatste info iScholenDag 5 oktober 2017” verder lezen

Van de voorzitter

KeesOp donderdag 1 oktober a.s. vindt op het Niftarlake College te Maarssen de jaarlijkse iScholenDag plaats. In deze nieuwsbrief vindt u het programma voor deze dag, dat geheel en al is samengesteld met het oog op de praktijk in de klas. Het moet een dag worden van, voor en door docenten. Wat betekent het voor mijn onderwijs als al mijn leerlingen in de les zijn uitgerust met een tablet of een laptop? Welke mogelijkheden biedt dat?

Als iScholenGroep is het van het grootste belang met elkaar op basis van de vele ervaringen op de diverse scholen een soort digitale didactiek te ontwikkelen. Het uitwisselen van ervaringen en ideeën is daarbij van groot belang.

Inmiddels neemt een groot aantal iSG-scholen deel aan de zogenaamde leerlabs, gevormd in het kader van het doorbraakproject onderwijs en ict. Het eerste enthousiasme op de scholen werd hier en daar enigszins getemperd door de magere financiering. De tijd die nodig is het een en ander te ontwikkelen zal voor het grootste deel uit het bestaande taakbeleid van de docenten moeten worden bekostigd.

Echt pijnlijk wordt het als we kijken naar de kosten van digitaal leermateriaal. Op veel scholen is men zeer geschrokken van het feit dat digitaal materiaal in de praktijk nu veel duurder uitpakt dan folio. Een gemiddeld schoolboek kost rond de 50 euro, exclusief 6% BTW (lage tarief) en gaat minstens vier jaar mee. De gemiddelde licentie op een digitale methode kost rond de 40 euro, exclusief 21% BTW en dient jaarlijks te worden betaald.

Voor veel scholen is dit uiteraard een zeer serieuze blokkade om werk te maken van de vernieuwing van het onderwijs met behulp van een grote inzet van ict. Zowel voor de uitgevers als voor de overheid ligt hier een taak deze blokkade te doorbreken.

Daarnaast blijft het wel weer interessant voor scholen om zelf digitaal materiaal te gaan maken, zoals op die Deense school die onlangs door 19 iSG-docenten werd bezocht. Lees het verslag in deze nieuwsbrief. Alle leerlingen werken daar voor elk vak met een iBook vol mooi materiaal dat door de docenten zelf is ontwikkeld. Beste educatieve uitgevers, zo kan het natuurlijk ook.

Kees van Domselaar

Column – Goede raad

BKMHet vijfde uur komt m’n gymnasiumbrugklas binnen. Wieger klampt mij al aan bij de deur van het klaslokaal, als ik mijn rol van ‘gastvrouw’ sta te vervullen en dus iedereen juist daar diep in de ogen kijk. Wieger kijkt ook mij aan, doet-ie anders nooit.

“Mevrouw, mijn tas ligt nog op het sportveld, want we hadden gym en toen had ik hem bij me en nu ligt hij daar dus nog, want ik ben hem vergeten.” “Heb je je boek wel bij je?” vraag ik hem en daarop schudt hij nee. “Maar dat is niet erg hoor mevrouw, ik kijk wel met Maartje mee.” Ik zucht en verzoek iedereen, ook Wieger, te gaan zitten zodat we kunnen beginnen.

Hij zit pal tegenover mij en ik zie hem schrikken als ik de klas vraag naast hun boek ook hun laptop te pakken. “Die zit ook in mijn tas mevrouw, weet u wel die nog op het sportveld ligt. Mag ik mijn tas nu gaan halen, want anders kan ik niet meedoen en stel dat hij gejat wordt, met m’n laptop erin.” Hij kijkt mij hoopvol aan en gaat er voor het gemak aan voorbij, dat hij dán ook niet mee kan doen met de les. Ik twijfel. Zijn Macbook Air zit in z’n tas en deze ligt op een plek waar iedereen bij kan. Goede raad is duur en ik geef hem toestemming z’n tas te halen. Na een belerend praatje tegen de klas over het opbergen van waardevolle spullen in je kluisje als je gaat gymmen vervolgen we de les.

Tijdens het achtste uur wanneer ik 3-vmbo aan de praat probeer te houden, wordt er dringend op de deur geklopt. Vrijwel direct gaat deze open en verschijnt een ietwat gehaaste en nerveuze Wieger. “Mevrouw, mevrouw, ligt mijn gymtas hier nog? Ik ben hem kwijt!” De klas, blij met een verzetje, grinnikt, Susan veert op. “Bedoel je deze soms? Hij lag onder mijn stoel.” Ietwat beschaamd neemt Wieger de tas in ontvangst, kijkt mij schuin aan en druipt bedremmeld af.

Monique van Brandwijk, docent Nederlands

Overzichtsdocument ontwikkelen visie personaliseren

In de ruim twintig jaar sinds de uitvinding van het world wide web is de hoeveel- heid informatie en het aantal leermiddelen voor leraren en leerlingen exponentieel toegenomen tot een omvang die twee decennia geleden nog onvoorstelbaar was. Een gemotiveerde leerling kan in luttele seconden informatie over vrijwel alle onderwerpen vinden, vaak in allerlei contexten en media. Daarbij is buitenschools leren eigenlijk net zo toegankelijk geworden als je eigen telefoon. Voor de meeste mensen is leren, zeker buiten de school, een zeer persoonlijke bezigheid.

Personaliseren in het Leren, een Internationale Schets - Kennisnet - Feb...

Recensie. Van struikelblok tot springplank: over onderwijs en ict.

van-struikelblok-tot-springplankDoor Michiel van Diggelen.

De meeste informatie die we nodig hebben is te vinden via onze laptop, tablet of mobiel. Maar in het onderwijs wordt vaak nog gedaan alsof alleen de docent en het leerboek informatie van betekenis kunnen doorgeven. De Informatie en Communicatie Technologie (ICT) heeft daar (nog) geen revolutie teweeg gebracht. De scholen zitten vaak met praktische problemen, maar ook met onderwijskundige. Er zijn te weinig methodes en men weet geen raad met de vrijheid die de nieuwe technologie aan de leerlingen biedt. Wat is de betekenis nog van een leraar als leerlingen alles zelf kunnen opzoeken, of menen dat te kunnen? En hoe zorg je ervoor dat de ICT op een school net zo betrouwbaar is als de verlichting of de verwarming?

Over deze en andere problemen schreef schoolleider Kees van Domselaar Van struikelblok tot springplank, een informatief en leuk boekje, waarin hij de ontwikkelingen op zijn school als uitgangspunt neemt. Enkele jaren geleden startte men hier het project laptop per leerling. Niet omdat de overheid daartoe dwong, maar omdat men het er als een goede oplossing zag voor een praktisch probleem: hoe kunnen we de moderne communicatiemiddelen dichter bij de leerling brengen. Zoals het voorheen normaal was dat leerlingen een rekenmachine meenamen naar school, zo nemen ze er nu een laptop of een tablet mee.

Van Domselaars boekje komt op het goede ogenblik nu bekend is geworden hoeveel geld er jaarlijks bij de overheid wordt weggegooid door ondeskundigheid op het gebied van ICT. In het onderwijs is het ook vaak huilen met de pet op. Volgens Van Domselaar werd ook in het onderwijs lange tijd gedacht dat ICT een soort hogere kennis vereiste. ICT-bedrijven maakten gebruik van de onwetendheid. Vanuit Den Haag kwamen er tegenstrijdige adviezen en de scholen werden aan hun lot overgelaten of gedwongen hetzelfde te doen. Totdat enkele scholen zelf het initiatief namen en de iScholenGroep (iSG) oprichtten, waar nu al bijna 60 scholen deel van uitmaken. Dit initiatief van onderop – een veenbrand – heeft veel succes. Van Domselaar is afkerig van centrale regie uit Den Haag, omdat daarmee uniformiteit op de loer ligt en scholen tegen hun zin aan de slag gaan, waardoor geldverspilling optreedt. Zijn advies is: ‘Faciliteer de scholen flink, op een betrouwbare wijze, stel hoge eisen aan hun opbrengsten (…) en geef ze verder de beste support, het volste vertrouwen en de grootste verantwoordelijkheid hun onderwijs op een eigen wijze te vernieuwen en te moderniseren en wel op een manier waarbij de inzet van technologie even vanzelfsprekend is als in andere sectoren van de samenleving’.

Gebruik van ICT wil volgens Van Domselaar niet zeggen dat een docent overbodig wordt. De laptop of de tablet zijn goede hulpmiddelen die ongekende mogelijkheden bieden. Leerlingen kunnen meerdere informatiebronnen gebruiken en het onderwijs kan rekening houden met verschillen tussen leerlingen. Die omschakeling kost echter veel tijd, waaraan het vaak ontbreekt. Uitgevers zijn terughoudend, omdat zij veel te verliezen hebben.

Van Domselaar wil van de school in geen geval een soort bio-industrie maken, waar iedere leerling – zoals een knorbeest in een stal – individueel via de laptop precies krijgt wat hij nodig heeft. De school blijft volgens Van Domselaar de plaats waar waarden worden bijgebracht als gemeenschapszin en waar jonge mensen leren om rekening met elkaar te houden en samen te werken. De interactie tussen leraar en leerling blijft de basis van goed onderwijs. Volgens Van Domselaar komt door het gebruik van ICT meer ruimte voor zingeving en zelfontplooiing.

Het boek van Van Domselaar is licht verteerbaar door de ironische toets die hij aanslaat. Hij geeft geen kant en klare antwoorden, maar laat zien hoe ver hij zelf is in het denken over deze kwestie. Hij daagt uit en wakkert een vuurtje aan bij de lezers. Dat maakt het boekje verplichte kost voor allen die zich afvragen of het ooit nog wat wordt tussen ICT en onderwijs.

Kees van Domselaar, Van struikelblok tot springplank. Over onderwijs en ICT. Ten Brink Uitgevers Meppel. 66 blz. ISBN /EAN 978-90-77866-30-6  Prijs € 9,95

Van de voorzitter

De iSG als Leerlab

Schermafbeelding 2013-12-20 om 20.44.25 pmOp dit moment wachten ruim 200 scholen voor voortgezet onderwijs op een bericht van Schoolinfo, de uitvoeringsorganisatie voor het Doorbraakproject Onderwijs en ICT, dat in 2014 van start ging. Al deze scholen hebben onlangs immers een projectaanvraag ingediend voor een zogenaamd Leerlab. Met een Leerlab wordt een projectorganisatie van scholen bedoeld die de wegen verkent, om beter onderwijs te ontwikkelen met een grotere inzet van ICT. Binnen zo’n club werken scholen uiteraard nauw samen. Goed idee.

De aanvraag was ook overweldigend. Meer dan 200 instellingen. De wil is er op al die scholen voor voortgezet onderwijs dus blijkbaar wel het onderwijs te moderniseren met behulp van ICT. Dat is de laatste jaren wel duidelijk geworden. Daaraan heeft ook de iSG haar bloei te danken: ruim zestig scholen hebben zich inmiddels aangesloten.

Waar loopt het dan op vast?

Het loopt vast op tijd en geld.

Daarom leek het een mooi begin dat er per Leerlab zo’n 100.000 euro beschikbaar zou worden gesteld door het ministerie, te verdelen onder de deelnemende scholen. Inmiddels is duidelijk geworden dat de bedragen per groepje scholen extern zullen worden ingevuld in de vorm van externe begeleiding en ondersteuning.

Wat betekent een en ander? Ten eerste, nogmaals, dat de scholen echt willen. Dat mag duidelijk zijn. Ten tweede dat er bij de beleidsmakers niet veel vertrouwen is in al die kennis en deskundigheid die zich inmiddels op veel scholen zelf heeft ontwikkeld. Dat zou door een dergelijk project gefaciliteerd moeten worden. Juist ook als stimulans.

Een en ander betekent ook, dat de extra inzet en ontwikkeltijd van docenten voor een belangrijk deel gefinancierd zal moeten worden uit het bestaande taakbeleid. Mede als gevolg van de laatste CAO zit daar weinig ruimte en rek meer in. Zeker niet met het oog op een doorbraak op het gebied van ICT en onderwijs. Blijft over: lid worden van de iScholenGroep.

Column – Bolletjes

BKMDe start van het schooljaar. Een nieuwe methode voor vwo klas één. Geheel digitaal, of met lesboek. Gelukkig koos ik voor de laatste optie want inloggen bleek in de eerste weken onmogelijk. Toen die problemen zo goed als opgelost waren gingen we verwachtingsvol met ‘de site’ aan de slag. Ik was onder de indruk van wat er allemaal mogelijk was: volgen via bolletjes of het huiswerk gemaakt is, volgen of de leerling überhaupt iets maakt, verdiepen, versnellen, ’benchmarken’ met collega’s, opdrachten klaarzetten, kiezen wie nakijkt: docent of leerling, ‘loslaten’ want alles wordt prima uitgelegd (zelfs met gesproken tekst). Ik kreeg er warempel zin in!

Nu, een paar weken voor de kerstvakantie grijp ik steeds vaker terug op m’n eigen klassikale instructie. De afgelopen weken raakten we niet alleen verstrikt in alle mogelijkheden, maar we raakten ook het contact met elkaar kwijt. We voelden ons ietwat opgejaagd, m’n leerlingen en ik. Alles is op ieder moment te meten en transparant. Dat lijkt mooi, maar terwijl ik voor hun neus zit en zij voor de mijne, communiceerden we eigenlijk alleen nog maar via het scherm. We raakten geobsedeerd door open of dichte ‘bolletjes’. Vragen die fout werden gerekend terwijl ze, als je via een omweggetje denkt en dat doen gymnasiumleerlingen, ook goed konden zijn. De site, ingegeven door de techniek keurde echter maar één antwoord goed.

De laptop en de digitale methode werden tè belangrijk. De uitdaging veranderde in een hindernisbaan. Na het controleren van het huiswerk via de al dan niet dichte bolletjes op het klassenoverzicht op mijn scherm, werd ik boos op Thijs. “Je hebt niets gedaan aan je huiswerk, ik zie geen enkel bolletje dat dicht is.” Thijs schrikt en stamelt: “Ja maar mevrouw, ik heb het in mijn schrift gemaakt, kijk maar…”

Afgelopen vrijdag hebben we de laptops maar eens dicht gelaten en gelezen en gescrabbeld in de les. Wat een rust en zo lekker duidelijk ook. Ben ik nu tegen het gebruik van laptops? Nee, natuurlijk niet maar vrij naar Steve Jobs. Ik stop m’n les niet (meer) in de laptop maar gebruik de laptop in m’n les!

Monique van Brandwijk, docent Nederlands